Frans Bauwer- de wereld is een gekkenhuis

Voordat ik naar het concert ging had ik al een filmpje geluisterd van Frans. Ik vond hem geen hele mooie stem hebben. Het podium zag er mooi uit. Er waren twee pianist, een drummer en twee gitaristen. Daarnaast waren er twee achtergrond zangeressen. Ik moest er even aan wennen, maar na het tweede nummer was ik om. We haakten de armen, terwijl we zaten, ineen en schoven heen en weer op de muziek. Ik vond het heel gezellig en kon de muziek ook waarderen. Ik was in de goede mindset. Frans kreeg het publiek mee. Af en toe kwam er een man met een downie, klein kindje of oude vrouw naar het podium toe en die mocht dan even met Frans op het podium staan. Het was een heel leuk gezicht. Een meisje ging bij hem staan, die die avond al op het podium was geweest. Ze zei dat ze niet op het podium mocht van die man. Maar Frans is de flauwste niet, dus bij een romantisch liedje mocht ze weer naast hem zitten. Tijdens het liedje kwam ook haar vriendin van de woongroep erbij zitten en bij het volgende nummer zaten ze samen over het podium te stuiteren. Frans kreeg het hele publiek, inclusief mij, mee en na de voorstelling was ik nog tot laat helemaal in de stemming.

The Amazing Stroopwafels- De Eeuwige Vlam

Met zijn zessen staan ze opnieuw in het theater, met nieuw werk, maar ook vele klassiekers, die in het ‘rommelige’ gedeelte aan bod kwamen. Qua repertoire zijn ze heel productief, ze hebben al 16 cd’s uitgebracht. Over alles wat in hun opkomt schrijven ze een liedje. Soms snijden die niet helemaal hout, bijvoorbeeld het liedje ‘Santaclaus Raus’, waar nu eens Sinterklaas en dan weer de kerstman aan bod komt, waardoor het onlogisch overkomt. Ze zijn, door hun zelf toegegeven, geen cabaretiers. Wim Kerkhof, de zanger, verklapte alle liedjes van te voren al. Ook hadden ze geprobeerd een soort van rode draad aan te brengen: familie. In sommige liedjes kon ik ze niet goed verstaan, maar in de meeste wel. Er zat veel humor en afwisseling in en het werd zowel leuk gezongen als goed gespeeld door de band. Het werd niet saai, omdat ze veel te vertellen hadden. De liedjes waren erg vermakelijk en de zanger had goede mimiek en zelfspot. Erg grappig vond ik het liedje over Rotterdam-Zuid, waar we geld voor in zouden moeten zamelen. Aan het eind van de voorstelling kon je een cd kopen, waarvan 5% naar het goede doel ging: Rotterdam-Zuid. Daar was namelijk een tankstation waar ze goedkoop konden tanken. Dat vond ik heel humoristisch. Ongemerkt zat er dus nóg een kleine rode draad in de voorstelling. Ik heb een hele leuke avond gehad.

een tekening die ik tijdens de voorstelling heb gemaakt

Speelman & Speelman- Optimisten

Speelman en Speelman hadden een vrolijke avond neergezet met mooie liedjes. Er zat een duidelijke lijn in, al was die was erg saai. Het ging over een hele positieve postbode. Zo interessant vond ik dat verhaal niet eens. Die postbode had niet eens iets bijzonders in het leven meegemaakt. Wel hadden ze een goed uitgebeelde scene over de strijd die ze tegen de commerciële televisie voerden, en daarbij alle bekende televisiehoofden vermoorden. Ik snapte alleen niet helemaal wat ze daarmee wilden bereiken. Dat ze nooit op de commerciële zenders zouden willen verschijnen? De meeste dingen die ze zeiden had ik al honderd keer gehoord, zoals: ‘sta bij de kleine dingen stil’. De voorstelling was op z’n hoogtepunt bij hun hit: Allerlaatste Liefde. Het was de moeite waard, maar ik sprak ook een man die naar al hun try-outs en optredens ging. Dat zou ik echt niet hoeven.

Het Groot Niet te vermijden- Save the last dance

Het concept van de voorstelling snapte ik niet helemaal.Ze speelden in een bandje en zongen oude liedjes, of zongen in idianenkleding idianenleidjes, met wat flauwe grappen tussendoor. Zingen en muziek maken konden ze wel, maar bijna alles was achterhaald. Zo gingen ze accordeon spelen als oude vrouwtjes of als travestiet in het Duits zingen. Soms waren het wel leuke concepten, maar het duurde dan veel te lang en gingen ze hele lange stukken zingen of spelen als bijvoorbeeld een travestiet, waar je helemaal niet op zat te wachten. Op het podium stond een grote plank, wat een wolk was, waarboven was een plat stuk hout, wat ballonnen waren. Een van de mannen deed dan net of hij in de lucht vloog, hij had ook nep-beentjes. Hij zong ’99 Luftballons’. Er kwam toen een vogel aan een stok die de ballonnen zogenaamd lek prikte. Dat vond ik goed bedacht. Ook vond ik het grappig dat er een geestelijk gehandicapte man in het publiek stond, die helemaal in de voorstelling op ging, meeklapte en zwaaide en midden in de voorstelling enthousiast ging staan. Op het einde kwamen ze nog langs in rubbere bootjes als homo’s op de Gay Pride. Dat was wel humor. Al met al een leuke voorstelling.

 

Zadelpijn 2- Het Verwende Nest

Het publiek bestond alleen uit vrouwen van 50+ en enkele mannen die mee moesten. De zaal zat goed vol. Het ging over oudere vrouwen en plastische chirurgie, relatieproblemen en de dood. De vrouwen gingen een huis verbouwen, maar eigenlijk was dat bijzaak. Ze zongen tussendoor allemaal hitjes uit ‘hun tijd’, die mijn moeder en haar zussen ook zingen. In de voorstelling ging een van de vrouwen dood. Het was op één moment best serieus, maar de dames deden er ook wel weer heel luchtig over. Het irriteerde me mateloos dat diezelfde actrice, die ‘dood’ was gegaan, de rest van de voorstelling er een beetje naast stond, een zwerver spelend. Het voelde alsof ze gekunsteld probeerden iedereen een gelijkwaardige rol te geven. Ik vond het wel heel grappig dat een van de zangers op een gegeven moment als vrouw verkleed het podium op kwam. Het was een vrolijke voorstelling en de spelers voelden publiek goed aanvoelde, al hoorde ik daar misschien niet helemaal bij.

Piepschuim- In veel te strakke broeken (première)

De voorstelling van piepschuim van een tijdje terug was jong en energiek. Ze stonden al jaren op theaterfestival Boulevard en nu kwamen in het theater aan de Parade hun nieuwe show spelen. Cor Burger zong, speelde gitaar en praatte de show aan elkaar. Mijn gedachte geen moment af, omdat er de hele tijd leuke teksten werden gezongen en zo niet, dan speelde Robbert Koekoek op een blaasinstrument, wat hij erg goed kon. Jakko Westeneng speelde op de gitaar en bas. Het was duidelijk dat ze clichés probeerden te vermijden, al lukte dat niet helemaal. Ze hadden het er bijvoorbeeld over dat er genoeg eten in de wereld is, maar dat het verkeerd verdeeld is. Ook vond ik de Nederlandstalige Halleluja versie van Cor en Jakko niet super mooi klinken en had er voor mij niet bij gehoeven. In dat lied kon Jakko overigens wel zijn uitmuntende spel laten horen. In het midden van de show moest het publiek meezingen. De dunne mensen moesten een deuntje dreunen en de dikke mensen moesten allemaal vet eten opnoemen. Ik kreeg een beetje een plaatsvervangend schaamtegevoel naar Piepschuim toe, omdat er twee wat stevigere mensen naast me zaten, maar gelukkig konden zij er om lachen. Het was een leuke, vermakelijke show, met leuke liedjes en goede muziek, al was het soms niet heel vernieuwend.

http://media.ndtrc.nl/Images/20110822/3140eccb-e880-40d5-a3e1-c11a5cfc3759.jpg?maxwidth=468