Demarrage

Demarrage gaat over Jeanne d’Arc. Tijdens de voorstelling regende het en buiten gingen we bij een vrouw in krijgerskostuum en met kort haar aan tafel zitten. Daar begon ze, na een tijd stilte, haar relaas. Over haarzelf en haar positie als vrouw. Dat ze bijvoorbeeld geen kinderen wilde, en geen zin had om de leiding te geven aan één man. Ze kon veel meer aan, een heel legioen. Later kwam er een man bij, haar krijgsmakker Gilles. Hij relativeerde Jeannes woorden enigszins. Het publiek moest uiteindelijk op ijzeren hobbelpaarden gaan zitten. We trokken ten strijde. Daar waren we dus al die tijd op voorbereid!

 

FC Bergman- Van den vos

Vorig jaar was ik naar 300 el x 50 el x 30 el van FC Bergman geweest, dus mijn verwachtingen waren hooggespannen. Deze zijn helemaal waargemaakt. De voorstelling is visueel heel sterk. Weer is er een immens podium. Vóór is er een groot zwembad, achter een bos. Een ‘vos’ maakt de buurt onveilig en daar moet iets aan gedaan worden. Er wordt live op het podium gefilmd, maar er worden ook beelden geprojecteerd die eerder opgenomen zijn. Er komt zelfs een stukje horror in voor, dat zo gruwelijk is dat het moeilijk is te blijven kijken. Een huiveringwekkend sterke voorstelling, waar de mogelijkheden van het theater ten volle gebruikt zijn.

De Grote Improvisatieshow- Tijl Beckand, Ruben van de Meer, Jamai Loman, Rick Paul van Mullingen, Wilko Terwijn

De Grote Improvisatieshow… Ik ging erheen omdat ik benieuwd was hoe Tijl en Ruben live zouden overkomen. Ik dacht dat het een vermakelijke avond zou worden en dat werd het ook. De Grote Improvisatieshow is ook op tv geweest, en in het theater was het niet erg anders. Het was een aaneenschakeling van improvisatiespellen, die heel vaak letterlijk uit ‘De Lama’s’ kwamen. Voor een onderdeel was een vrijwilliger nodig. Ik stak m’n hand op en werd uitgekozen. Jamai stelde me allerlei vragen, van m’n hobby’s tot m’n beste vriendin. Ik vertelde onder andere dat ik in mijn eentje naar het theater was gekomen en dat ik recensies schreef. De acteurs speelden m’n leven na. Ik moest in een toeter knijpen als iets niet klopte en bellen als iets wel klopte. De daaropvolgende scène was erg grappig. Ik (gespeeld door Tijl) lag in bed mijn beste vriendins naam te kreunen. Daarna kneep in de toeter; het klopte niet. Daarna kreunde ik (Tijl) Jamai’s naam. Jamai drukte m’n vinger tegen de bel. Later die dag gaf ik (Tijl) Nederlandse les aan Afrikaners, die ik vervolgens als slaven behandelde. Vervolgens zei ik (Tijl) dat ik gek was op zwarte mannen. Ik belde daarna, het klopte enigszins. Daarna kwamen alle Afrikaners op me (Tijl) af met grote piemels, die ze tegen mij (Tijl) aanzweepten. Die avond was ik continu het onderwerp van de grappen. Mijn hobby keramiek, het schrijven van recensies, maar vooral mijn homoseksualiteit kwamen continu terug. Dan ging het over mijn moeder, dan weer over mijn vader en dan over mijn zusje. Het meeste vond ik wel grappig, maar het homoseksuele gedeelte begon ik flauw te vinden. Het was vaak plat en smaakloos. de strekking: piemels, pijpen en kontneuken. In het moordspel was ik de moordenaar, waarbij de acteurs elkaar zonder tekst moesten duidelijk maken dat ik de moordenaar was, door me uit te beelden. Later in de show was er een scène waarin Wilko Terwijn, een dikke harige man, zich moest uitkleden en moest doen als of hij graag jongens van 17 knuffelde (ik dus). Ik rende snel de deur door en Wilko rende me in onderbroek achterna. Er werd mij gezegd dat ik moest gillen en dat deed ik. Daarna rende ik weer naar m’n stoel en kwam hij alsnog tegen me aanstaan. Het rook naar een vieze mengeling van aftershave en mannenzweet. Ergens op het eind zei Tijll als grap dat mijn vader me na de show, opgehangen in mijn kamer, zou aantreffen, waarna hij zei dat ik me niet moest ophangen, want dat zou niet leuk zijn voor de show. Die opmerking vond ik persoonlijk écht te ver gaan, omdat ik zelfmoord geen onderwerp vind om grappen over te maken. De grappen raakten me geen van allen, omdat ik wist dat het niet persoonlijk was. Bovendien had ik er zelf om gevraagd. Uiteindelijk vond ik het ook wel een eer dat de halve voorstelling over mij ging. Al met al had de voorstelling een goed tempo en zat vol rake grappen. Improviseren konden ze als de beste, en in de zaal werd veel gelachen. Een geslaagde avond, waar ik veel heb gelachen, al was het vaak uit een vorm van ongemakkelijkheid.

Afterparty- Carice Crutzen, Marie-Lousie Stheins en Renée Fokker

Twee vrouwen, Marie-Lousie Stheins en Renée Fokker, gaan samen op vakantie en komen daar een derde vrouw, Carice Crutzen tegen, die een van de vrouwen goed kent. Marie-Lousie Stheins is hilarisch als nerveuze burgerlijke vrouw die het de hele tijd over haar overeden man en zijn multifunctionele zakmes heeft, Carice Crutzen overtuigend als zwoele sensuele drinkende vrouw. Het stuk is het ene moment hilarisch en dan weer meeslepend, en het genre tragi-komedie past er dus perfect bij. Iets slecht was ook bijna niet te verwachten met drie topactrices, die zowel groot als geloofwaardig speelden, een top scripschrijver, Frank Houtappels, die onder andere Gooische vrouwen en ‘t Schaep schreef én een top regisseur, Michiel van Erp, die de voorstelling baseerde op zijn documentaire I’m a woman now. Ik herkende in het stuk letterlijke passages uit de documentaire. Een interessant stuk, waar alles in het midden op z’n plaats valt, en dan de échte emoties pas echt loskomen. Een geweldig stuk, die meer bezoekers verdient!

Haar naam was Sarah

Een intrigerende vertelling, naar het gelijknamige boek en de gelijknamige film. De film had ik al gezien. Met de voorstelling zijn ze dicht bij de film gebleven. Het verhaal gaat over een Amerikaanse journaliste Julia, die gaat graven in de geschiedenis van haar schoonfamilie en achter het beklemmende verhaal van Sarah, een tienjarig Joods meisje, komt, dat  samen met haar ouders tijdens de razzia in Frankrijk was opgepakt. Haar broertje sloot ze op in de kast, zodat de gendarmen hem niet zouden vinden. Het grootste verschil met de film is, dat je het verhaal niet van Sarah beeldend ziet voorbijkomen, zoals in de film, maar dat het wordt verteld door een vrouw, die de hele voorstelling op de achtergrond blijft en af en toe een deel van het verhaal vertelt. Alle acteurs spelen sterk en geloofwaardig. Het geheel is sober gehouden. Het hele stuk wordt door vijf acteurs gespeeld. Na het succes van het boek en de film is het maken van een toneeluitvoering een veilige keuze. Maar het moet gezegd worden; ook in het theater is het een succes.